Enkele generaties geleden was het gebruikelijk dat grootouders, kinderen en kleinkinderen onder hetzelfde dak woonden. Door de jaren heen veranderde dat. Ook de wetgeving ruimtelijke ordening  volgde die evolutie. Het is namelijk niet overal zomaar mogelijk om hulpbehoevenden in huis te nemen. Tinne Rombouts, Vlaams volksvertegenwoordiger en voorzitter van de commissie ruimtelijke ordening, stelt: “Zorgwonen moest daarop een antwoord bieden, maar bleek in de praktijk op administratieve drempels te stoten. Op voorstel van CD&V worden die vandaag weggewerkt.”

Ouders op leeftijd die bij hun kinderen inwoonden, was enkele generaties geleden meer regel dan uitzondering. Door de jaren heen veranderde dat. Ouderen blijven vandaag vaker alleen wonen tot zij te zorgbehoevend worden, en de stap naar een woonzorgvoorziening zetten. Omdat de vergrijzing grote uitdagingen inhoudt en mensen emotioneel vaak liever in hun thuisomgeving blijven, wil de overheid langer thuis wonen op verschillende manieren stimuleren. De invoering van ‘zorgwonen’ liet toe een kleinere woongelegenheid te creëren binnen een bestaande woning, zodat twee oudere of hulpbehoevende personen kunnen inwonen.
In de praktijk stelden we echter vast dat er toch nog problemen opdoken. Onder impuls van CD&V is daarvoor nu een oplossing uitgewerkt en goedgekeurd. Verwachting is dat de nieuwe regelgeving begin 2018 van kracht wordt. 

Kinderen ten laste 

De vroegere regeling voorzag in een maximum van twee hulpbehoevenden per woning. Dit zorgde voor discussies indien bijvoorbeeld de hulpbehoevende ouderen nog kinderen ten laste hadden, of indien het gezin dat hulpbehoevende ouderen onderdak wilde geven ook nog hulpbehoevende kinderen had. De Codex Ruimtelijke Ordening werd nu zo aangepast dat kinderen ten laste nooit worden meegeteld als hulpbehoevende, of ze nu meerderjarig of minderjarig zijn. 

Minimumleeftijd 

Om voor zorgwonen in aanmerking te komen moesten mensen minstens 65 jaar oud zijn. Indien één van de betrokken partners die leeftijd niet had, kon hij/zij niet mee inwonen. Voortaan is het voldoende wanneer één van beide partners leeftijd van 65 jaar heeft bereikt. 

Stedenbouwkundige vergunning 

Ook de moeilijkheden met de stedenbouwkundige vergunning horen voortaan tot het verleden. Zorgwonen kan nu ook in zonevreemde woningen of in verkaveling waar een extra woongelegenheid creëren voorheen uitgesloten was. Daarvoor is niet langer een stedenbouwkundige vergunning nodig, maar wordt een meldingsplicht ingevoerd. Deze administratieve vereenvoudiging vergroot het potentieel voor zorgwonen aanzienlijk. 

“Mensen die vrijwillig de zorg opnemen voor anderen, mogen niet teveel belemmerd worden door rigide regelgeving. Met deze aanpassingen maken we komaf met onlogische en ongunstige ervaringen uit de praktijk van het zorgwonen tot nu toe”, aldus Tinne Rombouts, “Het uitgangspunt blijft om zoveel mogelijk mensen, ouderen of hulpbehoevenden, zo lang en zorgeloos mogelijk in een vertrouwde huiselijke omgeving te laten wonen.”

Lees de reacties (0)
Lees de reacties (0) Verberg reacties

CD&V gebruikt cookies om uw surfervaring op deze website gemakkelijk te maken. Door onze website te bezoeken, gaat u akkoord met deze cookies.